Dag en nacht een topproject

Afgelopen voorjaar werd het nieuwe hoofdkantoor van energiebedrijf Eneco in Rotterdam Alexander in gebruik genomen. Het interieur is ontworpen door Hofman Dujardin Architecten, in samenwerking met Fokkema&Partners. De verlichting speelt een belangrijke rol in het interieur. Enerzijds is er door een groot atrium sprake van volop daglichtinval. Maar het kunstlicht mag er ook zijn. Voor het lichtontwerp tekende Studio Rublek. Auteur: Henk-Jan Hoekjen, foto’s: Matthijs van Roon.



Het nieuwe gebouw van Eneco telt in totaal 25.000 vierkante meter, verdeeld over veertien verdiepingen. Het hart van het pand wordt gevormd door het centrale atrium met espressobar, met daar omheen het dynamische ontmoetingscentrum met receptie, vergadercentrum, werk- en overlegplekken, restaurant, servicebalie en auditorium op de begane grond en eerste verdieping. De open ruimtes op de begane grond en eerste verdieping zijn subtiel met elkaar verbonden door nieuwe trappen, bordessen en vides. De verblijfsplekken voor werken en ontmoeten zijn vormgegeven als eilanden, uitgevoerd in warme contrastrijke kleuren en materialen. De kleurrijke eilanden op een lichte terrazzo vloer markeren de energieke ontmoetingsplekken in zowel de open als de gesloten ruimtes. De diversiteit aan kleuren en materialen geven de ruimtes een eigen identiteit en sfeer, hetgeen tevens de oriëntatie in het gebouw versterkt.


De verlichting speelt een belangrijke rol in het ontwerp. “Daaraan hebben we veel aandacht besteed”, bevestigt lichtontwerper Aleksandar Rublek van Studio Rublek. “In totaal zijn we 3 jaar bezig geweest met dit project.” Aan de hand van de eerste schetsen uit 2009     – die al verrassend gedetailleerd zijn – doet Rublek zijn werkwijze uit de doeken. “Een lichtontwerper moet beseffen dat het in een project niet draait om zijn eigen ego, maar om de wensen van de gebruiker”, legt hij uit. “Daarom proberen we in elk project om een ontwerp te maken dat de ideeën van de architect en de interieurarchitect ondersteunt en versterkt. Ook in het Eneco-project hebben we nauw samengewerkt met de andere betrokken partijen, zoals Hofman Dujardin, Fokkema en het projectmanagement van Rietmeijer. Tevens wil ik benadrukken dat de samenwerking met de installateurs van Ter Berg zeer prettig verliep.”  
 

Rublek werd in de arm genomen om een lichtontwerp te maken voor de bijzondere ruimtes in het Eneco-kantoor. Voor het verlichten van ruimtes als de entree, de boardroom, het auditorium en de vergaderkamers maakte Rublek gebruik van zowel gasontladingslampen (CDM en PL) als LED. “De keuze voor de lichttechnologie wordt bepaald door de functie en de gewenste sfeer van de ruimte”, vertelt de lichtontwerper. “Wij werken eigenlijk altijd op dezelfde manier: eerst bepalen we wat voor licht we in elke ruimte nodig hebben. Vervolgens kiezen we de lichtbron en pas daarna het armatuur. Omdat we onafhankelijk zijn, kunnen we voor elke ruimte het licht realiseren dat het beste werkt voor de gebruiker en dat aangepast is op de keuzes van de architect en de interieurarchitect.”  


      
    Kunstlicht en daglicht hebben elk hun eigen kwaliteit.

  
       Daglicht dringt diep het gebouw in.

Dat deze werkwijze tot prachtige resultaten kan leiden, is te zien in het vergadercentrum op de begane grond. Deze ruimte is uitgevoerd met rode, paarse en oranje vloerkleden. Eikenhouten tafels met kleurrijke stoelen worden afgewisseld met zandkleurige vloerkleden met witte tafels en stoelen. Het lichtplan van Rublek zorgt hier voor een subtiele markering van de gekleurde eilanden.
Op de begane grond bevindt zich ook het restaurant. Het centrum van het restaurant wordt gevormd door een donkerkleurig eiland met daarin een vrije opstelling van uitgiftemeubels. Met een donkere terrazzo vloer, een donker plafond en donkere in Corian uitgevoerde meubels zijn het uitsluitend de gepresenteerde gerechten, die kleur brengen in het interieur. Naast het donkere uitgiftegebied bevinden zich witte tafels en stoelen op een lichte terrazzo vloer, wat zorgt voor een maximale daglichtreflectie in het restaurant. Want daglicht is er volop in het Eneco-kantoor, mede dankzij het ruime atrium.


“Het vak van lichtontwerper is ingewikkeld”, zegt Rublek. Je moet niet alleen kennis hebben van lichttechnologie, duurzaamheid, energie, maar je moet ook weten welke producten er zoal op de markt zijn. Daarnaast is het heel belangrijk om materiaalkennis te hebben. Want licht is op zichzelf onzichtbaar. Het wordt pas zichtbaar door de fysieke objecten in de ruimte. Voor een goed lichtplan is het daarom noodzakelijk dat je de materialen kent, die in een ruimte gebruikt worden. Daarom is het ook zo prettig dat we in het Eneco-project zo goed konden samenwerken met de architect en de interieurarchitect. Want mede hierdoor is een resultaat bereikt dat zonder overdrijven een internationaal topproject genoemd kan worden.”


Duurzaamheid was een belangrijk aspect in dit project. Daarom is de zuidgevel van het nieuwe kantoor voorzien van een wand met zonnecollectoren. Op een hoogte van 20 meter bevindt zich op het dak van de laagbouw een suntracker systeem met zonnecollectoren, die meedraaien met de stand van de zon. In het kader van duurzaamheid is voorts gekozen voor invoering van Het Nieuwe Werken (HNW); op die manier wordt de beschikbare ruimte namelijk efficiënter gebruikt. Voorts stimuleert Eneco elektrisch vervoer en is de parkeergarage voorzien van meerdere oplaadstations voor de elektrische auto’s. De duurzame uitstraling van Eneco wordt versterkt door de groene gevelbegroeiing over de eerste drie verdiepingen. In de entree is deze begroeiing doorgezet om de relatie tussen binnen en buiten te versterken.


   De verblijfsplekken voor werken en ontmoeten zijn vormgegeven als eilanden, uitgevoerd in  warme contrastrijke kleuren en de       materialen.    

“Daglicht is belangrijk in dit gebouw, onder meer vanwege die begroeiing in de entree”, zegt Rublek. “En ook voor de mensen op de kantoorvloeren is daglichtinval natuurlijk belangrijk. Toch heb ik bij mijn lichtontwerp eigenlijk niet zoveel rekening gehouden met het vele daglicht. De reden is simpel: ook wanneer het donker is, moet het gebouw goed kunnen functioneren. En daarom moet de kunstlichtsituatie goed zijn, onafhankelijk van de daglichtinval.” Rublek toont zich sowieso niet zo gecharmeerd van de visie (die je tegenwoordig meer en meer hoort) dat daglicht eigenlijk superieur is aan kunstlicht. “Daglicht is prachtig”, erkent hij. “Maar kunstlicht is óók prachtig. Met kunstlicht kun je dingen doen, die je met daglicht niet kunt. Dat maakt kunstlicht niet béter, maar wel ánders dan daglicht.”


En dat is te zien in het Eneco-kantoor. Door de uitgekiende oplossingen – koofverlichting, spotjes, grotere armaturen, et cetera – is een sfeervol lichtbeeld ontstaan. Op twee plekken heeft Rublek zelfs een daglichtachtige situatie gesimuleerd met kunstlicht: in de grote kroonluchter in het atrium zijn daglichtspots gehangen, die de afname van het daglicht door de grote omvang van de kroonluchter enigszins moeten compenseren. En voor het aanlichten van de kunstwerken in het gebouw heeft de lichtontwerper gekozen voor een lichttechnologie die de kleurweergave-index van daglicht imiteert. “Bij het aanlichten van kunstwerken móet je werken met een lichttechnologie die een Ra-waarde heeft van 100, waarbij de kleuren optimaal uitkomen”, aldus Rublek. “Daarom is ongeveer 1 procent van het kunstlicht in het Eneco-gebouw geen gasontladings- of LED-licht, maar het ouderwetse halogeen. Dat moet. Uit respect voor de kunstenaars.”



www.studiorublek.nl
www.hofmandujardin.nl
www.fokkema-partners.nl
www.rietmeijer.nl
www.terberg.eu